e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
droevig zijn treuren:   drievig zien (Eigenbilzen) III-1-4
droevige hartjes gebroken hartjes:   droevig hertje (Horst) III-2-1
droevige kerel knorrepot:   wa nən dryvəgə kj(i)aəl (Gutshoven) III-1-4
droevige metten donkere metten:   druvvige mette (Gulpen) III-3-3
droevige wijde wilgensoorten: (omgespeld)  dryvigə wāi (Vechmaal) III-4-3
droevige, een - treuzelaar:   dreuvige (Geleen) III-1-4
droezel troebele ogen:   drø̄zǝl (Rothem  [(troebelheid)]  ) I-9
droezelachtig troebele ogen:   druzǝlęxtex (Paal), drūzǝlęxtex (Koersel) I-9
droezelen treuzelen:   droezelen (Neeroeteren) III-1-4
droezelig duizelig:   droezelig (Hechtel), troebele ogen:   druzǝlex (Achel, ... ), dryzǝlex (Meeuwen, ... ), drūzǝlex (Sint-Truiden) I-9, III-1-2