e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
een voor vet te mesten vetkoe:   eŋ vȳr vɛt tsǝ mɛstǝ (Bocholtz) I-11
een voord spaden met een voor spitten:   ǝn vō ̞ǝrt [spaden] (Achel) I-1
een voord uitsmijten de eerste voor uitspitten:   ǝn vōrt˱ ūtsmītǝ (Ospel) I-1
een voord uitvaren de eerste voor ploegen:   ǝn vōrt˱ ūt˲vãrǝ (Ospel) I-1
een voorhemdje voordoen ogenschijnlijk goed bemesten:   ęn vø̜rhɛmkǝ vø̜rdūn (Ottersum) I-1
een vork houwen overige kegeltermen: Sub vork1, (2).  `n vö.rrek hoo(ë)n (Zonhoven) III-3-2
een vorm zanden zanden:   ǝn vorǝm zantjǝ (Sittard) II-8
een vots laten een wind laten:   hè hèèt unne vots gelòten (Schin-op-Geul) III-1-1
een vries gezicht zetten een lelijk gezicht trekken:   n vreusch gezich opzette (Roermond) III-1-4
een vrijwis plaatsen zich een zwerm toeëigenen:   een vrijwis plaatsen (Achel) II-6