e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
glitsig maken taaien:   glitsig maken (Jeuk) III-3-2
glitter droge verfstoffen:   gletǝr (Klimmen), git:   gletǝr (Doenrade, ... ), paillette:   glitter (Doenrade, ... ) II-7, II-9, III-1-3
glittertje paillette:   glitterkes (Gors-Opleeuw), glittərkəs (Susteren) III-1-3
glitzer (<du.) paillette:   glietzer (Vaals), NB jlietsere: glinsteren. vgl. Van Dale (DN): glitzern, glinsteren, fonkelen, schitteren.  jlietser (Kerkrade) III-1-3
globe kaal (zijn), kaal hoofd:   globe (Blerick) III-3-3
globe (<fr.) stolp over een heiligenbeeld:   glōb (Loksbergen) III-2-1
globe (fr.) stolp:   glōb (Genk), glōͅp (Teuven), gloͅp (Wellen), vr mv. gl#?b\\  gloͅu̯p (Halen) , III-1-1
gloed gloed:   gloed (Guttecoven, ... ), glood (Guttecoven, ... ), gloot (Arcen), gluij (Meijel), gl‧øj (Kinrooi) III-2-1
gloedig kwaad razend van woede: cf. WNT s.v. "gloedig  chlŏĕjəch kaoət (Hamont) III-1-4
gloedige worm glimworm: WLD  geleutige wörrem (Maastricht) III-4-2