e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
goed uitbouwen aanzetten:   gōt ūtbuwǝ (Beek) II-6
goed uitdoen wbd: in trek:   doon goud oet (Limbricht) III-3-1
goed uitkijken opletten:   good oetkieeke (Weert), good oetkieke (Neer) III-1-4
goed uitkomen kiemen: Endepols  good oetkomme (Maastricht) III-4-3
goed uitleggen welbespraakt zijn:   goed kunnen uitleggen (Leopoldsburg) III-3-1
goed vallen goed passen:   gōt valǝ (Maastricht), neerstrijken op de vliegplank:   gōt valǝ (Stein) II-6, II-7
goed van aannemen begrip, besef:   goed van oa⁄nnimmen (Eksel), slim:   good van aannumme (Merkelbeek), good van aanumme (Klimmen) III-1-4
goed van aannemen zijn schransen:   good van aonnëme zién (Gronsveld) III-2-3
goed van aard gedwee: NB. Mar.: waarom gewillig (= bereidwillig =doet het gráág!) en gedwee gesplitst?: waarom dit bij gedwee??  ei goot van aard (Opoeteren) III-1-4
goed van begrijpen slim:   good van begriepe (Weert) III-1-4