e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
keihelle, een ~ welbespraakt brutaal persoon:   kei hélle (Stein) III-3-1
keikop stijfkop:   kei kop (Leopoldsburg), kêkop (Kortessem), ook materiaal znd 28, 31  ke͂ͅkoͅp (Mettekoven) III-1-4
keilaag ploegzool:   kęi̯lǭx (Aldeneik, ... ) I-1
keiland steenachtige grond:   kē̜lant (Vliermaal), kē̜lānt (Riksingen), kęi̯lant (Borgloon) I-8
keilen gooien:   keilen (Mook), kiskassen:   keilen (Meerlo, ... ), keille (Lanaken), kille (Bree), kīē.le (Waubach), (met steentjes).  keilen (Sittard), ?  kaile (Kerkrade), Ongewoon.  keile (Borgloon) III-1-2, III-3-2
keimen schransen:   keîme (Altweert, ... ) III-2-3
keimesen schransen:   keimese (Tungelroy), keîmese (Altweert, ... ) III-2-3
keireis wandluis: het heeft ...?  t hôj kijreis ? (Bilzen) III-4-2
keiroerens knikkertermen: Kêerürës is er in het knikkerspel, wanneer de knikkers (kêeë) elkaar (nauwelijks) raken en er geen maneuvreerruimte is (P.M., 5).  kêerürës (Tongeren) III-3-2
keischeut knikker:   kaaischeut (Meijel), keijsjeut (Meijel), keͅjsj"t (Meijel), kéjsjeut (Meijel), Zie Crompvoets, H. (1991), [De regionale toptiens van dialectwoorden en -begrippen.]: Limburg. In: H. Crompvoets en A. Dams (red.), Kroesels op de bozzem. Het Dialectenboek. Waalre: Stichting Nederlandse Dialecten, blz. 122-136 [blz. 126].  keisjeut (Meijel) III-3-2