e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
kleine holte lage, natte plekken in moeras:   klē̜n hø̄lt (Neerpelt) I-8
kleine hommel runderhorzel, horzel:   kleng hommel (Sint-Geertruid) III-4-2
kleine hoogte heuvel, kleine hoogte:   ein klein hûûəgtə (Beesel), ein kleine huugte (Hoensbroek), kling heugde (Kunrade), kling hugdə (Epen), kling huugde (Eys) III-4-4
kleine hoop heukeling: (mv)  klęi̯n høup (Voort), hoop, tussen heukeling en opper:   klęi̯n ȳp (Sint-Truiden) I-3
kleine hopen maken op heukelingen zetten, zwelen:   [kleine hopen] mǭ.kǝ (Voort) I-3
kleine hopper heukeling:   klęi̯n hǫpǝr (Halmaal, ... ) I-3
kleine houtduif holenduif:   klein houtdoef (Swalmen), klein houtdoèf (Swalmen) III-4-1
kleine houthakker bonte specht, specht:   kléene houthakker (Rosmeer) III-4-1
kleine houwvrouw windhoos:   klēͅn huə vrōͅ (Zelem), kleͅinən hoͅuwmoͅuw (Waterloos), klene hauwmauw (m.)  ⁄klenə ⁄hāwmāw (Neerpelt) III-4-4
kleine huismus ringmus:   klein hoesmös (Maasniel) III-4-1