e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=L371a plaats=Geistingen

Overzicht

Gevonden: 2251
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
beeldje beeldje: beeldje (Geistingen), postuurtje: postuurke (Geistingen) 2. Een klein staand beeld. || Beeldje. III-3-2
beemd band/bend: bɛŋ (Geistingen) Het begrip beemd is, getuige ook de bronnenopgave bij dit lemma, vaak afgevraagd. Op grond van de informatie die de informanten bij hun antwoord gaven, springen er twee betekenissen uit van beemd. De eerste is ø̄lager gelegen, vochtig weilandø̄ en de tweede is ø̄hooiweide of hooilandø̄. Een aantal informanten vermeldt erbij dat beemd weiland is aan de Maas of aan een beek. Enkele andere bijvoegingen zijn: ø̄slechte wei met veel onkruidø̄, ø̄grasland zonder omheiningø̄, ø̄weiland met enkele bomenø̄, ø̄stuk zure grondø̄. De lage ligging wordt nogal eens als een slechte eigenschap, als minderwaardig, gewaardeerd. Sommige informanten geven aan dat een beemd iets anders is dan een broek. Mede door de diverse bijvoegingen bij de antwoorden zijn de beemd-opgaven daarom niet verwerkt in lemma 1.3.2 ɛlaaggelegen weidegrondɛ, waarin de broek-opgaven domineren. Binnen de woordtypen beemd en band/bend is niet altijd met zekerheid te zeggen of ze enkel- of meervoud zijn. Waar dit met zekerheid te zeggen is, is dit aangegeven.' [N 14, 53; N 14, 52; N 14, 50a; N 14, 50b; N 6, 33b; N P, 5; JG 1a, 1b, 1c; L 19b, 2aI; L 1a-m; L 4, 40; A 10, 4; S 2, 5, 43; Wi 6; RND 20; Vld.; monogr.] I-8
been been: bein (Geistingen, ... ), beinə (Geistingen) been [ZND 21 (1936)] III-1-1
been, beenderen doodsbeen: daòdsbein (Geistingen), knook: knoke (Geistingen), schenk: Ook kneuk.  sjeinkə (Geistingen) beenderen (op het kerkhof) [ZND 21 (1936)] III-1-1
begijn begijn: begien (Geistingen) De bewoonster van een begijnhof [begien]. [N 96D (1989)] III-3-3
begrafenismaal begrafeniskoffie: begrééfeniskoffie (Geistingen) het begrafenismaal [N 96D (1989)] III-2-2
begraven begraven: begraven (Geistingen) een dode begraven [graven, zinken, begraven] [N 115 (2003)] III-2-2
beiaard beiaard: beiaard (Geistingen) het geheel van zuiver gestemde klokken die door een klavier bespeeld kunnen worden [klokkenspel, beiaard, carillon] [N 112 (2006)] III-3-2
beieren beieren: beijere (Geistingen), luiden: loeje (Geistingen) Het gelui, het gebeier van de klok(ken). [N 96A (1989)] || Hoe zegt men : de klokken beieren?. [N 96A (1989)] III-3-3
bellen aan het hoofdstel kloters: klōtǝrs (Geistingen) Soms kunnen er aan een hoofdstel bellen bevestigd worden, maar meestal gebeurt dat niet bij boerenpaarden. [N 13, 39] I-10