e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
godsoog alziend oog:   godsaog (Baarlo), godsaug (Schimmert, ... ), godsoeeg (Eksel, ... ), godsoog (Eys, ... ), godsoug (Echt/Gebroek), gòtsoeëch (Sint-Truiden), un goads-òòg (Meerssen), ət gotsow (Montzen) III-3-3
godspenning aalmoes:   gaodspenning (Neer, ... ), handgeld:   gaodspenning (Vlodrop), huurpenning:   gōādspennin(g) (Maaseik), kooppenning:   gaodspenning (Echt/Gebroek, ... ), gaodspènning (Heel), gaotspenning (Urmond), goadspenning (Waubach), godspenning (Ittervoort, ... ), goedpenning (Sint-Lambrechts-Herk), goodspenning (Mheer, ... ), gospenning (Tienray), gōͅtspɛnəŋ (Rekem), goͅdspeniŋ (Rekem), goͅdspeͅniŋ (Kuringen), gòdspenning (Maastricht) III-3-1
godspenning, enz. handgeld:   drenkgeld (Genk), huurpenning:   chaotpeͅneŋ (Maastricht), gwoͅdsgēͅld (Hamont), hāndgeld (Sint-Huibrechts-Lille), meepenning (Geistingen), mepeͅnə[i}ŋ (Rotem), metpenning (Welkenraedt), mējpenning (s-Gravenvoeren), mēpeͅneŋ (Riksingen), meͅjpeͅniŋ (Bommershoven), mīpenniŋ (Bilzen), mīpeͅnəŋ (Welkenraedt), métpenneng (Montzen), sondischelt (Eisden), weud er aon de nief dinsboje en handgeld gegeven (Oostham), eerste drinkgeld  wereld (Heusden), WNT: werdel - wordel, weerdel, werrel, warrel, weddel -, 1) Spinschijfje, b) Een derg. voorwerp als onderpand of teeken van contract gegeven bij het aangaan van een dienstverplichting (en bij feitelijke indiensttreding omgeruild tegen het drinkgeld, de godspenning vand. ook: drinkgeld, fooi, godspenning.  werəl (Hamont), weurel (Eksel, ... ), wērəl (Peer, ... ), wiodəl (Gelinden), wiörrəl (Zonhoven), wūdəl (Halen) III-3-1
godsrok goedzak:   gōdsrok (Nieuwstadt) III-1-4
godsschel handvol:   goatssjel (Heerlen), zang, bussel gelezen aren:   gǭtsšęl (Heerlen) I-4, III-4-4
godsverneuker bedrieger:   gotsvernuuëker (Altweert, ... ), huichelaar:   godsvernĕŭker (Schimmert), godsvərneukər (Beesel) III-1-4
godsvloek godslastering:   godsvlook (Ell) III-3-3
godszak goedzak:   godszak (Born) III-1-4
godszalver kooppenning: WNT: heller - vaak, in jonger vorm, helder -, Mhd., nhd., mnl. heller. Oorspronkelijk eene Duitsche munt, benoemd naar Hall in Zwaben (verg. daalder de waarde was die van 1/2 of ongeveer 1/3 penning.  gôdszalver (Schimmert) III-3-1
godver vloek:   chótvər (Kapel-in-t-Zand), godver (Waubach, ... ), gotver.... (Susteren), ne godfer (Caberg) III-3-1, III-3-3