e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
karwiel wiel:   kārwil (Berverlo  [(mv kārwilǝ)]  ), (mv. kē̜rwilǝ)  kē̜rwil (Beringen, ... ) I-13
karwinde karwip:   karweŋ (Schimmert) II-11
karwip driepoot:   karwep (Lommel), kārwep (Peer), kē̜rwep (Paal), kɛrwep (Overpelt), karwip:   [kar]wep (Achel, ... ), [kar]we̜p (Lommel), [kar]wip (Eygelshoven, ... ), [kar]wøp (Houthalen, ... ) I-13, II-11
karzadel schoftzadel:   karzadel (Heerlen, ... ), karzāl (Meijel, ... ), karzǭl (Oost-Maarland, ... ), kārzǭl (Smeermaas), kē̜rzǫ(ǝ)l (Opheers), kē̜rzǭǝl (Hopmaal, ... ), kē̜ǝrzǫǝl (Hoepertingen), kē̜ǝrzǭǝl (Gingelom), kęǝrzǭl (Montenaken), kɛrzāl (Haelen, ... ), kɛrz˙āl (Panningen) I-10
karzadelsingel singel:   kē̜ǝrzǭǝdǝlseŋǝl (Gingelom) I-10
karzak rosdoek:   karzak (Maasmechelen), kārzak (Hoeselt) I-13
karzeel touw om het hooi vast te sjorren:   kē̜rziǝl (Halen), voorstrengen:   karzē̜l (Oost-Maarland, ... ) I-13, I-3
karzeiker overgevoelig paard:   karzeiker (Venray) I-9
karzetten prikken van de turf op de kruiwagen:   karzetǝ (Griendtsveen, ... ) II-4