e-WLD begrippen 

 
 
Filteren... dialect=Q036p plaats=Nuth/Aalbeek

Overzicht

Gevonden: 1955
BegripTrefwoord: dialectopgave (plaats)Omschrijving
zegen met het allerheiligste zegen: zèèëge (Nuth/Aalbeek) De zegen met het Allerheiligste. [N 96B (1989)] III-3-3
zeggen zeggen: zegge (Nuth/Aalbeek) zeggen; ik ben bij de vrouw geweest en heb het tegen haar gezegd; ze zeide, dat ze het ook aan haar dochter zou - [DC 03 (1934)] III-3-1
zenuw nerv (du.): nerf (Nuth/Aalbeek) zenuw [zeen] [N 10 (1961)] III-1-1
zeswekenmis zeswekendienst: zèswekedeenst (Nuth/Aalbeek) Een mis die zes weken na iemands overlijden wordt opgedragen. [N 96B (1989)] III-3-3
zeven zeven: zevə (Nuth/Aalbeek, ... ), zijen: zīējə (Nuth/Aalbeek, ... ) zeven; Hoe noemt U: Door een zeef laten lopen (zeven, ziften) [N 80 (1980)] III-2-1, III-2-3
zeveren zeveren: zeïvere (Nuth/Aalbeek) zeveren [zeivere, sabbere] [N 10a (1961)] III-1-1
zich haasten zich presseren (<fr.): us pressiēre (Nuth/Aalbeek), zich spoeden: oes sjpöen (Nuth/Aalbeek) zich haasten: we moeten ons haasten [DC 27 (1955)] III-1-2
zich laten inschrijven voor het huwelijk bij de pastoor zich inschrijven: insjrieve (Nuth/Aalbeek) Zich laten inschrijven voor het huwelijk bij de pastoor, "naar pastoor gaan". [N 96D (1989)] III-3-3
ziekenzuster pleegzuster: pleegzusters (Nuth/Aalbeek) Een zuster die zich bezig houdt met de verpleging van zieken [leefdezuster]. [N 96D (1989)] III-3-3
ziel ziel: zeel (Nuth/Aalbeek) De ziel [zieël, zie.l, zeel]. [N 96D (1989)] III-3-3