e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
de zeikkelder leegvaren gier uitrijden:   dǝr zēkkaldǝr lē̜x˲vārǝ (Margraten) I-1
de zeisse die zeikt reepje overschietend gras:   dǝ zē̜i̯ǝsǝ dēi̯ zēkt (Diepenbeek) I-3
de zeissem zeikt reepje overschietend gras:   dǝ zē̜sǝm zęi̯kt (Borgloon) I-3
de zengel geven sprenkelen met de wijwaterkwast:   de zengel gaeve (Ell), zegen aan het eind van de mis:   de zaengel gaeve (Weert) III-3-3
de zengen geven sprenkelen met de wijwaterkwast:   de zèènge geve (Koningsbosch) III-3-3
de zenuwen werken stuiptrekken:   de zenuwen werken (Diepenbeek), dǝ zēnǝwǝ wɛrkǝ (Tongeren) II-1
de zenuwen werken nog stuiptrekken:   dǝ zenǝvǝ wørkǝ nǫx (Kuringen) II-1
de zes en een halve riet van zes en een halve:   dǝ zęš ɛn ǝn halvǝ (Stramproy) II-7
de zeug mankeren spotten: vgl. Kerkrade Wb. (pag. 289): zouw, sleept. zeug, varken [*zouw, stoott. straatgoot]; vgl. WNT: zeug - zeuge, zoog, zoge, zog, zoeg(e), zo(u)w, zuwe.  de zouw mankere (Kerkrade) III-3-1
de zeven en een halve riet van zeven en een halve:   dǝ zēvǝndjalvǝ (Stramproy) II-7