e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
groothans opschepper:   groethans (Genk), groothans (Ospel) III-1-4
groothanzerij bekakte praat:   grōēthànzeri-j (As), bekakte praat /bekakt praten:   grōēthànzeri-j (As) III-1-4, III-3-1
grootheid trots:   grōēted (Susteren) III-1-4
grootje grootmoeder:   greujtjə (Leveroy), greutjə (Leveroy), groeatje (Hunsel, ... ), groeootje (Grathem), groetje (Meldert), groeətje (Pey), groo:tje (Roermond), grootje (Asenray/Maalbroek, ... ), groôtje (Thorn), gruëtje (Tungelroy), grôetje (Opitter), cf. VD s.v. "grootje  groeetje (Opoeteren), groëtje (Venlo), cf. WNT s.v. "grootje (III)  grotje (Middelaar), cf. WNT s.v. "grootje (III) - grootken"= grootmoeder  greutjə (Makset), kindertaal  groeëtje (Neeroeteren), vocatif  grötje (Gennep), grootvader:   grootje (Gruitrode, ... ), grūūetie (Opglabbeek), kindertaal  groeëtje (Neeroeteren), hor:   gry(3)̄tjə (Heppen), oude vrouw:   grootje (Ittervoort, ... ) III-2-1, III-2-2
grootjuffer grootjuffer:   grootjuffer (Eys), groutjuffer (Ophoven) III-3-3
grootjuffrouw grootjuffer:   groewətjoefróó (Loksbergen) III-3-3
grootma grootmoeder:   greutmaa (Overpelt), groetma (Lanaken, ... ), grootma (Alken, ... ), grōētma (Bocholt, ... ), gróótjmaa (Vlijtingen), niet als aanspreking  groeëtmaa (Sint-Truiden) III-2-2
grootmaatje grootmoeder:   grootmake (Sint-Lambrechts-Herk) III-2-2
grootmam grootmoeder:   grautmam (Hoepertingen), greutmam (Rijkhoven), groewtmam (Heerlen), grootmam (Heers, ... ), groutmam (Gutshoven, ... ), grōētmam (Sint-Truiden), gróótjmam (Vlijtingen), grôetmam (Nieuwerkerken, ... ), grûutmam (Aalst-bij-St.-Truiden), grûûtmam (Aalst-bij-St.-Truiden), NB.: meeke = overgrootmoeder; voormeeke = over-overgrootmoeder (dus betovergrootmoeder)  grōētmam (Sint-Truiden), niet als aanspreking  groeëtmam (Sint-Truiden) III-2-2
grootmama grootmoeder:   groetmama (Neeroeteren), grootmamme (Sint-Truiden), grutmamā (Borgharen), cf. WNT s.v. "mam"in ouderen vorm "mamme  grootmamme (Sint-Truiden) III-2-2