e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
graspaard benamingen van het paard naar de leeftijd:   graspē̜rt (Bree, ... ), graspęrt (Meijel), grāspē̜rt (Sittard, ... ), grǭspi̯āt (Sint-Truiden) I-9
graspens buik:   grāspɛ.ns (Zolder  [(doorgezakt)]  ) I-9
grasperk gazon:   grōͅspɛrk (Houthalen) III-2-1
grasperkje graszode:   grǫu̯ǝspɛrkskǝ (Beverst) I-8
graspieper grasmus:   (gras)pieper (Nederweert, ... ), graaspieper (Meijel, ... ), graspieper:   graaspieper (Gulpen, ... ), graaspīēper (Waubach), graaspīēpər (Brunssum), graaêspieper (Horst), graspieper (gew.uitspr.) (Diepenbeek, ... ), graspipər (Meijel), grāspipər (Maaseik), groaspieper (Maastricht), grââspieper (Horst), eigen spelling; omgespeld  grāspiper (Roosteren), grauwe vliegenvanger:   (graas)piepər (Margraten), zwartkop:   graaspieper (Nederweert) III-4-1
graspiepertje graspieper:   graaspieper(ke) (Brunssum, ... ), graaspieperke (Belfeld, ... ), grāspipərkə (Kaulille), etym.aant.  graaspieperke (Horn) III-4-1
graspijltje grasspriet:   grǭspilkǝ (Neerpelt) I-3
grasplaai nerf van de weide:   grasplāi̯ (Mechelen) I-3
grasplaats wei:   grāsplāts (Oirsbeek) I-8
grasplag graszode: (mv)  grasplagǝ (Blitterswijck, ... ), jrāsplagǝ (Vaals) I-8