e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
griskolen steenkool:   jreskoͅalə (Bleijerheide, ... ) III-2-1
grisou mijngas:   grizu ([Winterslag, Waterschei]) II-5
grispot doofpot:   grespoͅt (Beverlo, ... ), griespot (Eksel), grispot (Kwaadmechelen, ... ), grispoͅt (Beverlo), grīspo̞ͅt (Paal), de vrouwen die ver van het vuur zaten te naaien, legden een richeltje over deze pot, om hun vorken te warmen diende niet uitgesproken om het houtskool te laten koud worden, maar de mensen die verder van het vuur zaten te verwarmen, vooral de vrouwen die naaiden, zetten hun voeten er op en sloegen hun lange rokken eronder  grispoͅt (Lommel), spelling Beverlo wbk.; \": naslag (stomme e)  grispot (Beverlo) III-2-1
grissebekken glimlachen: *slecht leesbaar  grissebeeken (Vlijtingen) III-1-4
grissen huiveren: B.v. Hè griste bè-`t vuur.  grisse (Beverlo), weggrissen:   grisse (Meijel, ... ), grissen (Gruitrode, ... ), grissö (Stevensweert), grissə (Montfort, ... ), grist (Jeuk), gritsen (Lommel, ... ), gritze (Herten (bij Roermond)), grése (Kinrooi) III-1-2
grit kalk gemengd met verbrijzelde stenen:   gret (Meijel), grit (As, ... ), (= sjelpe gemale).  grit (Herten (bij Roermond)), (o.).  gre.t (Eys), Algemene opmerking bij deze vragenlijst: invuller heeft hierbij twee bijlagevellen bijgevoegd, t.w.  grit (Bilzen), Opm. v.d. invuller: bedoeld om op te pikken (zie bij vraag 185: bodemwit).  grit (Doenrade) III-3-2
grits hoefmes:   grets (Jeuk) II-11
gritsel betonhouw:   grisǝl (Ottersum), grēsǝl (Boekend), bussel geharkte aren:   gretsǝl (Wellen), graankorrel:   gretsǝl (Blitterswijck, ... ), hark:   greesel (Weert, ... ), gretsəl (Sint-Truiden), griesel (Venray), grisəl (Gennep, ... ), griëssel (Castenray), (stugge tanden voor het egaliseren van grond).  griesel (Venray), hark, algemeen:   gre.tsǝl (Koninksem, ... ), gretsǝl (Aalst, ... ), gri.tsǝl (Lauw, ... ), gritsel (Beringen, ... ), grętsǝl (Houthalen, ... ), hooihark:   gre ̝tsǝl (Mechelen-Bovelingen, ... ), gre.tsǝl (Koninksem, ... ), gretsǝl (Alken, ... ), gri ̞tsǝl (Halen, ... ), gri.tsǝl (Lauw, ... ), gritsǝl (Aalst, ... ), kalkhouw:   grisǝl (Ottersum), kruimels:   gridzele (Helden/Everlo), naoogstrijf:   gretsǝl (Aalst, ... ), gri.tsǝl (Borgloon, ... ) I-3, I-4, I-5, II-9, III-2-1, III-2-3
gritselbalk dwarsbalk van de hooihark:   gritsǝlbalǝk (Opheers) I-3
gritselen achtergebleven hooi harken:   gretsǝlǝ(n) (Kwaadmechelen, ... ), afkammen:   gretsǝlǝ (Diepenbeek, ... ), dorsvloer keren:   gretsǝlǝn (Kwaadmechelen), harken:   gretsələ (Sint-Truiden), grisələ (Gennep, ... ), harken, werken met de hark:   gre.tsǝlǝ (Koninksem, ... ), gretsǝlǝ (Aalst, ... ), gri.tsǝlǝ (Broekom, ... ), gritsǝlǝ (Beringen, ... ), hooi harken:   gre ̝tsǝlǝ (Vorsen), gretsǝlǝ (Aalst, ... ), gretsǝlǝn (Hasselt, ... ), gri ̞tsǝlǝ (Neerwinden), gritsǝlǝ (Lauw, ... ), nascharren, naoogsten:   gretsǝlǝ (Alken, ... ), gritsǝlǝ (Gingelom, ... ), ontbost terrein met een schop omwerken:   grętsǝlǝ (Opheers) I-3, I-4, I-5, I-8, III-2-1