e-WLD trefwoorden 

 
 
Filteren...

Overzicht

Gevonden: 140309
TrefwoordBegrip: dialectopgave (plaats)Toelichting
katrollen raamschijven:   katrǫlǝ (Bilzen) II-9
katrolletje blok, klos om het touw aan te spannen:   katrølǝʔǝn (Lommel), katrol:   kǝtrǫlǝkǝ (Berlingen), takel voor het staakijzer:   katrolǝkǝ (Kaulille) I-3, II-3
kats alles kwijt:   kasj zēn (Urmond), katsj (Stein), [sic] Opm. kwijt = kwiet.  kasj (Obbicht, ... ), jong en kaal vogeltje adj.:   katch (Susteren, ... ), katsch (Wessem), katsj (Banholt, ... ), katsje (Pey), kàtsch (Montfort, ... ), kàtsj (Amstenrade, ... ), in de uitdr. das mêr a kaetsje, voor een zwak jong vogeltje  kaetsje (Bilzen), piepjong, pas uit het ei  katsj (Sittard), kleinste dier van het nest: ideosyncr.  katsj (Doenrade), onrijp: eigen spellingsysteem  katsj (Geleen), ooft:   katch (Heers), katsj (Heers, ... ), katš (Mechelen-aan-de-Maas), sappig: katsj broid  katsj (Ulestraten), ketsj broid knetsj broid = ongaar brood  ketsj (Ulestraten) III-2-3, III-3-2, III-4-1, III-4-2
kats en muis hellen krijgertje spelen: Sub kats.  kats en moes helle (Kerkrade) III-3-2
kats jong jong van een dier:   (kàtsj) joeng (Sittard) III-4-2
kats vogeltje jong en kaal vogeltje:   katsj veugelke (Schinnen), katsj vuegelkən (Brunssum), katsj vuugelke (Doenrade), katsj vūūëgelke (Hoensbroek, ... ), katsje vuggelkes (Gulpen), kàtsj veugelke (Susteren), subs  katsjvuëgelke (Ten-Esschen/Weustenrade) III-4-1
kats zije jong en kaal vogeltje: subs zij = vrouwtje  katsj zieë (Gulpen), zij = vrouwtje  katsj zieë (Gulpen) III-4-1
kats zijn een kater hebben:   kàts (Gennep) III-2-3
katse jongen (mv.) jong en kaal vogeltje:   katsche jonge (Geverik/Kelmond), katsje jonge (Gulpen) III-4-1
katsel dun sneetje brood:   katsjel (Puth), een jong pas uit het ei:   katsjel (Vlodrop), jong en kaal vogeltje:   kadsjel (Vlodrop, ... ), koninginnepop:   katšǝl (Herkenbosch), ooft:   kadzel (Rotem), schaarde:   kàtsjel (Voerendaal) II-6, III-2-1, III-2-3, III-3-2, III-4-1